Project Complex en onbegrepen gedrag

Het doel van het project is het beter kunnen voorzien in de zorgbehoefte van mensen met zeer complex en onbegrepen gedrag, onder andere door meer gespecialiseerde kennis en handelingsbekwaamheid van medewerkers op het gebied van (zeer) complex en onbegrepen gedrag van kwetsbare ouderen met dementie en/of een psychiatrisch ziektebeeld.

Hiertoe is een scholingsplan opgezet. In verband met Covid-19 is in de uitvoering hiervan enige vertraging opgelopen. Daarnaast zijn bijeenkomsten veelal digitaal in plaats van fysiek vormgegeven.

Het scholingsprogramma voor de regio Waardenland bestaat uit:

1. Coaching on the job


Het doel van dit onderdeel is het organiseren van netwerkbijeenkomsten waaraan de binnen het project opgeleide coaches deelnemen. Doel is dat deze coaches door de gezamenlijke momenten beter in staat worden gesteld hun functie in de eigen organisatie uit te voeren.

2. GVP-opleiding


Er is een inventarisatie gedaan onder de 13 organisaties uit de regio Waardenland. Met de resultaten van deze inventarisatie is door de stuurgroep besloten om het scholingsprogramma zowel regionaal als decentraal te coördineren, afhankelijk van de behoeften en ondernomen acties per organisatie. De uitvoering van de opleidingen wordt gecoördineerd door de projectleider.

3. GRIP-methodiek


Er is een inventarisatie gedaan onder de 13 organisaties uit de regio Waardenland. Met de resultaten van deze inventarisatie is door de stuurgroep besloten om het scholingsprogramma zowel regionaal als decentraal te coördineren, afhankelijk van de behoeften en ondernomen acties per organisatie. De uitvoering van de opleidingen wordt gecoördineerd door de projectleider. De eerste groep die op regionaal niveau deelneemt is inmiddels gestart.

4. Regionale themamiddagen


Op 24 november heeft de eerste (online) regionale themamiddag plaatsgevonden, ook wel: Het Kennisfestival. In een interactieve workshop is een grote groep (zorg)medewerkers aan de slag gegaan met het beter leren begrijpen van onbegrepen gedrag. Hiervoor zijn verschillende werkvormen ingezet, waaronder het uitspelen van casussen door acteurs, een individuele oefening om zelf de invloed van prikkels te ervaren en deze praktische voorbeelden werden door een spreker gekoppeld aan de theorie.